20 jaar Club Brugge Foundation← Alle verhalen
Portret van Marc Tavernier, Wandelvoetbalspeler Club Brugge Legends

Wandelvoetbal

Marc Tavernier

Wandelvoetbalspeler Club Brugge Legends

“Als achtjarige begon ik als jeugdspeler bij Club Brugge. Dat ik op mijn 74ste opnieuw voor Club mag voetballen, is toch heel bijzonder.”

Marc (74) speelde als achtjarige al bij de duiveltjes van Club Brugge. Ruim zestig jaar later draagt hij opnieuw het blauw-zwarte shirt, bij het wandelvoetbalproject Club Brugge Legends. Daarnaast helpt hij als vrijwilliger in de Foundation Chalet.

Leeftijd
74
Project
Club Brugge Legends
Bij Club sinds
1959

Het volledige gesprek

Wat is wandelvoetbal precies?

Het woord zegt het eigenlijk zelf: bij wandelvoetbal mag je niet lopen. Daardoor wordt het een heel technisch spel. Je moet proberen de bal snel rond te spelen, liefst in één tijd. De bal mag ook niet hoger dan één meter komen. Ik noem het soms een beetje tik-takvoetbal.

In België spelen we meestal vijf tegen vijf. Mensen denken misschien dat wandelvoetbal rustig is omdat je niet mag lopen, maar vergis je niet: het kan behoorlijk intensief zijn.

Voor welke leeftijdsgroep is wandelvoetbal bedoeld?

In principe kan je vanaf 55 jaar beginnen. Op toernooien wordt er vaak gewerkt met verschillende leeftijdscategorieën, bijvoorbeeld 55+ en 65+. Intussen zijn er ook steeds meer initiatieven voor 70-plussers en dat vind ik een goede evolutie.

Er is natuurlijk een verschil tussen iemand van 55 en iemand van boven de 70. Daarom zou het mooi zijn als er steeds meer aparte reeksen voor 70-plussers komen. Zo kan iedereen op zijn eigen niveau zo lang mogelijk blijven voetballen.

Wat maakt wandelvoetbal soms moeilijker dan het lijkt?

De grootste moeilijkheid is natuurlijk dat je niet mag lopen. Je mag wel snel wandelen, maar het verschil tussen heel snel wandelen en beginnen lopen is soms klein.

Je kan ook niet zomaar versnellen om een tegenstander voorbij te gaan. Daarom is techniek zo belangrijk. Het draait heel sterk om positiespel, techniek en samenspel.

Hoe belangrijk is het groepsgevoel voor jou?

Dat is voor mij enorm belangrijk, zeker op mijn leeftijd. Natuurlijk komen we samen om te voetballen en willen we allemaal graag winnen, maar de vriendschap binnen onze groep betekent minstens evenveel.

De sfeer bij Club Brugge Legends is heel goed. Er is veel respect voor elkaar. Iedereen doet wat hij kan. Die sportiviteit en kameraadschap vind ik heel bijzonder.

Op latere leeftijd is dat sociale contact minstens even belangrijk als het bewegen zelf.

Je hebt als kind nog bij de jeugd van Club gespeeld?

Dat klopt. Mijn verhaal bij Club Brugge is eigenlijk al in 1959 begonnen. Ik was toen acht jaar en speelde bij de duiveltjes. Club speelde toen natuurlijk nog op De Klokke.

Ik had een vriend die al bij Club Brugge voetbalde en via hem kon ik deelnemen aan een paastoernooi. Na dat toernooi mocht ik komen meetrainen. Zo ben ik bij de jeugd van Club Brugge terechtgekomen.

Als ik er nu bij stilsta dat ik als kleine jongen bij Club begon en vandaag, op mijn 74ste, opnieuw voor Club mag voetballen, dan is dat toch heel bijzonder.

Hoe belangrijk was het voor jou dat Club Brugge Foundation met wandelvoetbal is gestart?

Heel belangrijk. Op een bepaald moment stopt je gewone voetbalcarrière natuurlijk. Je gaat misschien verder in provinciale reeksen, later bij de veteranen, maar uiteindelijk komt ook daar een einde aan.

Toen wandelvoetbal bij Club Brugge werd opgestart, ondertussen bijna tien jaar geleden, heb ik mij meteen ingeschreven. Voor mij was dat een fantastische kans om opnieuw actief met voetbal bezig te zijn en opnieuw deel uit te maken van Club.

Wat is jouw mooiste herinnering als speler van Club Brugge Legends?

Eigenlijk kan zelfs een gewone training een mooie herinnering zijn, omdat we daar telkens opnieuw samenkomen en plezier beleven aan het voetbal.

Maar als ik er één moment moet uitkiezen, dan is het ons internationale toernooi in Mallorca vorig seizoen. Daar hebben we tegen ploegen uit heel wat verschillende landen gespeeld en zijn we uiteindelijk kampioen geworden met Club Brugge. Daar ben ik nog altijd heel fier op.

Je bent niet alleen speler, maar helpt de Foundation ook als vrijwilliger. Wat doe je precies?

Ik help onder andere mee in de chalet van Club Brugge Foundation op matchdagen. Daar verkopen we warme drankjes en de opbrengsten gaan opnieuw naar de maatschappelijke werking en de verschillende projecten.

Ik vind het ongelooflijk hoeveel de Foundation doet. Voor het G-voetbal, het wandelvoetbal, het Amp Team en nog zoveel andere projecten. Er worden kansen gecreëerd voor mensen voor wie sporten niet altijd vanzelfsprekend is.

Heb je nog een grote droom voor de toekomst?

Ik ben ondertussen 74, dus mijn eerste wens is vooral dat ik nog lang gezond mag blijven en kan blijven voetballen.

Maar als Club-supporter heb ik natuurlijk ook nog een andere droom: ik hoop dat ik mag meemaken dat Club Brugge die derde ster behaalt. Zolang ik gezond blijf, wil ik daar nog zo lang mogelijk van genieten: als supporter, als vrijwilliger én als speler van Club Brugge Legends.

Elk hart heeft zijn verhaal. Ontdek ze allemaal in het jubileumjaar van Club Brugge Foundation.

Andere harten